vernieuwen Pagina Vernieuwen | Naar Beneden 
SchrijverTekst
hans hartgers

21/04/2008
17:10:48
Titel: Koffertjes



Nog slaapdronken sta ik op zondagmorgen rond negenen een gecharterde auto vol te laden met allerhande troep.
Er moet gemusiceerd worden in Haaksbergen voor een jongerendienst en ik had al ja gezegd voor tot me doordrong dat het een ochtenddienst betrof. Nu zit ik met de gebakken peren.
Ondanks het café bezoek van gisterenavond ben ik vanmorgen op tijd wakker geworden en redelijk fris opgestaan. De gebakken peren lijken mee te vallen.
Terwijl ik het zoveelste koffertje in de auto zwaai verbaas ik me over de eindeloze stroom spullen die ik meeslepen moet.
Een mengpaneel uit het jaar nul (lees: loeizwaar), microfoonstandaards, een gitaarversterker, mijn mappen met muziek en een immense hoeveelheid koffertjes. De auto is zo goed als vol. En ik moet er ook nog bij in.

Dat van die koffertjes zit zo: Vroeger fietste ik met een gitaar op mijn rug en een map met nummers in de fietstas naar Ludo om muziek te maken. Meer had ik niet nodig. Net als Chuck Berry, die zijn nummers na dertig jaar wel uit zijn hoofd kende en in plaats van de map een tandenborstel mee kon nemen. In de Limousine, niet in de fietstas. Op de fiets naar Amerika is te ver.
Toen ik mondharmonica begon te spelen voegde ik een linnen tasje aan mijn standaarduitrusting toe. Daar pasten alle benodigdheden in. Capo, harmonica’s, mondharmonicabeugel model ‘Bob’ en een kazoo voor als het lollig moest worden. Klaar.
Op een bepaald moment groeide mijn verzameling gadgets zo uit dat ik meer in het linnen tasje zat te rommelen dan dat ik muziek maakte. Lastig zoeken in zo’n tasje waar alles over elkaar heen rolt. Ik bedacht een geniale oplossing, een koffertje. Ik kocht er eentje bij een bouwmarkt waar al mijn spulletjes netjes en ordentelijk in opgeborgen konden worden.
Ik klapte het koffertje dicht en tilde het op. Vanuit het binnenste klonk een onheilspellend geratel. Nadere inspectie leerde me dat de schotjes niet op hun plaats bleven zitten zodra de zwaartekracht haar werk begon. Met mijn beperkte technisch inzicht kostte het me een dag om zelf van triplex een aantal schotjes te vervaardigen. Mijn schotjes hielden het iets langer vol dan de schotjes die bij de koop inbegrepen waren, maar na een keer of tien optillen wandelde de inhoud van de koffer ook nu weer naar plekken waar ze niet thuishoorde. Ik offerde opnieuw een dag op en vervaardigde een soort wijnrekje dat precies ín mijn koffertje paste. Het schuiven was hiermee zo goed als verholpen, maar de zwaartekracht liet zich niet kennen. De eerstvolgende keer dat ik mijn muziekkoffertje optilde ging het handvat gehoorzaam mee de hoogte in, maar het koffertje zelf bleef opstandig beneden.
Wat nu gedaan? Terug naar het linnen tasje wilde ik niet. Ik moest zo’n ouderwets, oerdegelijk koffertje zien te vinden, zoals mijn vader vroeger had voor zijn fotoapparatuur.
Eureka. Een fotografenkoffertje!
In Enschede zat een winkeltje met tweedehands camera`s misschien dat ze me daar konden helpen.
Ik kocht er een pracht van een koffer. De verkoper ging er met zijn 100 kilo even frivool bovenop staan toen ik bezorgd informeerde of het ding wel écht stevig was. Ook het binnenwerk was onverwoestbaar.
Dat had ook nadelen, want ik moest er één schotje uitslopen om ruimte te krijgen voor de microfoons die ik aangeschaft had en daar ging dag nummer drie. Maar, voortaan zaten mijn harmonica’s gezellig bij elkaar zonder dat de reservesnaren ongenood op bezoek kwamen.

Naast de muziek met Ludo speelde ik nu ook in een gospelbandje. Om het geluid wat breder te maken kocht ik een effectenbakje. Dat moest eigenlijk ook in zo’n koffertje. Anders zou het maar beschadigen. Gelukkig wist de fotograaf nog een koffer voor me op te duikelen.
Vervolgens richtte ik met Ludo een band op. Voortaan zou ik op drie verschillende plekken muziek gaan maken. En altijd was ik wel iets vergeten. Stond ik in de oefenruimte met mijn elektrische gitaar om mijn nek, zat mijn capodaster nog op mijn akoestische thuis. Speelde ik in de kerk dan waren ineens alle verlengsnoeren verdwenen.
Ik nam een beslissing. Voortaan zou ik alles wat ik maar eventueel nodig zou kúnnen hebben meeslepen. Waar ik ook muziek ging maken. Op die manier zou ik nooit meer voor verrassingen komen te staan.
Heel slim bedacht, vond ik.
Maar voor het zover was had ik een stel extra koffertjes nodig.
Minstens twee.
Een tijd leek de voorraad van de fotograaf uitgeput, maar op een dag zag ik weer verse exemplaren in de etalage staan. Ik kocht er drie. Je wist maar nooit wat er in de toekomst nog aan materiaal bij zou komen. Ik was immers ook in recordtijd van niks naar twee koffers vol gegaan.

‘Daar heb je Hans weer met z’n koffertjes.’ Het is de vaste, smalende
begroeting geworden als ik wankelend onder mijn last de oefenruimte betreed. Ik draag het als een man. Mij kan niets meer overkomen. Ik heb altijd! alles! bij me!
Hijgend zet ik het laatste koffertje op de achterbank. Het zweet is me uitgebroken.
De dag is nog geen uur oud.
‘Moet ik even helpen?’ vraagt Mieke.
‘Mooi op tijd, hoor,’ mopper ik, ‘ik ben nét klaar!’
‘Weet ik veel dat je zoveel moet meenemen,’ zegt mijn vrouw, ‘ik dacht
alleen je gitaar.’
Verbijsterd kijk ik haar aan.
‘Een gitaar… Daar zeg je zowat!’

Zonder haar opmerking was ik zó naar Haaksbergen gereden zonder gitaar!
Ik zucht eens diep.
Daar moet dan óók maar een koffertje voor komen…



 Naar Boven

Reageer op deze Tekst:

Naam:
Email:
Publiceer mijn E-mail:
Titel:
Proza: